Welkom

Algemene informatie

Mededelingen

De overwegingen

Agenda

Parochiebladen

Wat en Hoe bij..... !!

Opleiding en Vorming

Tarieven

Links

Preventie & AVG

Missie (M.O.V.-groep

Op weg door de 40-dagentijd

Vrijdag 26 maart 2021 - 5e week in de veertigdagentijd.
 
Lezingen: Jeremia 20, 10-13 en Johannes 10, 31-42.
 
Wij zoeken een stil moment en lezen en herlezen de lezingen van vandaag en laten de inhoud langzaam tot ons doordringen.
 
Jeremia 20, 10-13
"Ik hoor velen fluisteren: "Daar heb je ontzetting - overal." 
Al mijn vrienden willen niets liever dan mij ten val brengen. Ze zeggen: Misschien laat hij zich misleiden, dan overmeesteren we hemen kunnen we ons op hem wreken".
De miskende profeet  Jeremia zit door de roddels om hem heen diep in de put en klampt zich ten einde raad aan de Heer vast. Maar door zijn geloof krijgt hij weer moed.
 
Johannes 10, 31-42
"In die tijd raapten de Joden stenen op om Jezus te stenigen.
Maar Jezus zei hun: "Ik heb voor uw ogen veel goede werken verricht, die uit de Vader voortkomen; om welk van die werken wilt gij Mij stenigen?"
De Joden gaven Hem ten antwoord: "Niet om een goed werk stenigen wij U, maar om een godslastering: dat Gij, een mens, Uzelf tot God maakt."
Jezus antwoordde hun: "Staat er niet in uw Wet geschreven: Ik heb gezegd: gij zijt goden?
Zij heeft hen tot wie het woord Gods gericht werd goden genoemd, en de Schrift heeft  bindende kracht. Maar waarom dan beschuldigt ge Mij, die door de Vader geheiligd en in de wereld gezonden werd, van godslastering als Ik Mijzelf Gods Zoon noem? Als Ik de werken van mijn Vader niet doe, behoeft gij Mij niet te geloven, maar zo Ik ze wel doe, gelooft dan die werken als ge Mij niet wilt geloven.
Dan zult gij inzien en erkennen, dat de Vader in Mij is en Ik in de Vader ben." Toen probeerden zij opnieuw Hem te grijpen, maar Hij stelde zich buiten hun bereik".
 
Vragen:
 
Waarom is in beide verzen is sprake van een wraakactie tegen Jeremia en Jezus?
 
Zijn ook wij niet vlug in het (ver)oordelen van de boodschappers en traag in het leren?
 
Heb ik ooit per vergissing iemand veroordeeld vanuit het beeld dat ik van God heb?
 
Weerspiegelt in mijn leven en werken dan wel het geloof dat ik zeg te belijden?
 
Naschrift: "Öde wortel van het kwaad is: niet luisteren naar Gods Woord; dit heeft ertoe gebracht God niet meer lief te hebben en dus de naaste te verachten. Gods Woord is een levende kracht die in staat is bekering op te wekken in het hart van de mensen en de persoon opnieuw te richten op God. Zijn hart sluiten voor de gave van God, die spreekt, heeft ten gevolge dat men zijn hart sluit voor de gave van een broeder of een zuster"
Aldus Paus Franciscus in zijn Vastenboodschap 2021.
____________________________________________________________________
 
Donderdag 25 maart 2021 - 5e week in de veertigdagentijd
 
Bezinning Maria Boodschap.
 
Jesaja 7, 10-14 + 8, 10
HebreeŽn 10, 4-10
Lucas 1, 26-38
 
Aanbeveling: zoek een moment van stilte!
 
Lucas 1, 26-38.
 
Aankondiging van de geboorte van Jezus
"In de zesde maand zond God de engel GabriŽl naar de stad Nazaret in Galilea, naar een meisje dat was uitgehuwelijkt aan een man die Jozef heette, een afstammeling van David. Het meisje heette Maria. GabriŽl ging haar huis binnen en zei:'Gegroet Maria, je bent begenadigd, de Heer is met je.' Ze schrok hevig bij het horen van zijn woorden en vroeg zich af wat die begroeting te betekenen had. Maar de engel zei tegen haar: 'Wees niet bang, Maria, God heeft je zijn gunst geschonken. Luister, je zult zwanger worden en een zoon baren, en je moet hem Jezus noemen. Hij zal een groot man worden en Zoon van de allerhoogste worden genoemd, en God, de Heer, zal hem de troon van zijn vader David geven. Tot in eeuwigheid zal hij koning zijn over het volk van Jacob, en aan zijn koningschap zal geen einde komen.'
Maria vroeg aan de engel: 'Hoe zal dat gebeuren? Ik heb immers nog nooit gemeenschap met een man gehad.' De engel antwoordde: 'De heilige Geest zal over je komen en de kracht van de Allerhoogste zal je als een schaduw bedekken. Daarom zal het kind dat geboren wordt, heilig worden genoemd en Zoon van God. Luister, ook je familielid Elisabet is zwanger van een zoon, ondanks haar hoge leeftijd. Ze is nu, ook al hield men haar voor onvruchtbaar, in de zesde maand van haar zwangerschap, want voor God is niets onmogelijk.' Maria zei: 'De Heer wil ik dienen: laat er met mij gebeuren wat u hebt gezegd.' Daarna liet de engel haar weer alleen."
 
Vragen:
 
1.  Wat heb ik gelezen? Kan ik het met eigen woorden zeggen?
 
2.  Hoe 'menselijk' is God? Spreekt Hij niet tot ons door zijn mens geworden Zoon?
 
3.  Is het niet ook gewoon menselijk: de aankondiging van een zwangerschap?
____________________________________________________________________
 
dinsdag 23 maart 2021 - 5e week in de veertigdagentijd
 
PASEN EN DE GROTE SCHOONMAAK
 
Als je de reclames mag geloven hangt het welslagen van de Paasdagen af van een rijkelijk ontbijt waarbij het aan niets ontbreekt. Natuurlijk doet het weer een stevige duit in het zakje en de vraag of er ruimte is voor versoepeling van de beperkingen ten gevolge van de coronacrisis.
 
Vanouds hoort bij de voorbereiding op dit lentefeest de ' grote schoonmaak'. Veertien dagen geleden is uit het Evangelie  van Johannes het verhaal gelezen dat Jezus de tempel van Jerusalem schoonveegt met een zweep, omdat Hij niet kon verdragen dat er op deze God gewijde plek gemarchandeerd wordt. 'Weg met dit alles. Dit hoort hier niet thuis!', roept Hij uit en Hij jaagt de kooplui met hun handeltje van het tempelplein af. Hier moet leegte en ruimte zijn voor God. Als gelovige kun je je afvragen: Wat zou Jezus denken als Hij mijn binnenste zou zien? Wij zoeken God, maar we moeten erkennen dat er zich in ons hart heel wat 'theater' afspeelt. We verlangen wel om te bidden en willen God de regie over ons leven in handen geven, maar intussen zijn we vaak massaal verstrooid, bezig met onze eigen besognes, 'onderhandelen' over van alles en nog wat. Er zijn zoveel zaken die ons bezig houden: werk, gezin, toekomstplannen, nieuwsberichten, hobby's, wat anderen over mij denken enz. De uitnodiging van Jezus voor mensen die Hem willen volgen is duidelijk:  'Zuiver je hart en ruim de rommel eens op, al die zaken die nergens toe dienen. Keer je om en richt je op Mij. Als je in Mij gelooft, maak dan mijn woorden en mijn manier van leven tot kompas voor je doen en laten en de keuzes die je maakt'.  De grote schoonmaak die veel vrouwen in het verleden verrichtten rook naar boenwas, schone gordijnen, fris linnen en helder gewassen ramen. Jaarlijks kreeg alles een 'grote beurt'. Heel het huis en alle kasten werden schoon gemaakt. Veel van wat er in het afgelopen jaar niet was gebruikt werd opgeruimd. Ook de ruimtes waar we zelden kwamen werden ontdaan van spinrag en stof. Denken we er wel eens aan hoeveel openheid, plaats en ruimte we scheppen, als we dat zouden doen met ons hart, ' opruimen en schoonmaken'? Er cirkelen daar zoveel gedachten, plannen en wensen die er niet toe doen, maar die wel veel tijd en energie in beslag nemen. Zou er dan niet neer ruimte komen voor mensen die ons nodig hebben en om te ontdekken wat God met ons voorheeft? We mogen ons de vraag stellen wat onze huisgenoten, collega's, buren en vrienden merken van onze 'schoonmaak' als voorbereiding  op Pasen'? Wat merken arme - en eenzame medemensen, vluchtelingen en andere noodlijdenden van ons 'vasten' en onze bereidheid om met hen te delen van ons bezit en onze tijd? Zegt Jezus niet dat 'de graankorrel eerst in de aarde moet vallen om vrucht te dragen'? 
 
Bidden wij de H. Geest om de moed los te laten en op te ruimen wat geen vrucht kan dragen! 
 
pastor A.G.M.Franssen
____________________________________________________________________
 
vrijdag 19 maart 2021 -4e week in de veertigdagentijd
 
TESKST TER BEZINNING FEEST VAN DE H. JOZEF 19 MAART 2021
 
Paus Franciscus heeft het jaar 2021 uitgeroepen tot Sint Jozefjaar. De H. Jozef is sinds 8 december 1870 door Pius IX uitgeroepen tot beschermheilige (patroon) van de Kerk. Hij heeft een belangrijke rol gespeeld in de 'geschiedenis van God met ons. De evangelietekst in de H. Mis van de dag is uit het 1e hoofdstuk van het evangelie van MatteŁs, de verzen 16 en 18-21. Vers 16 is het einde van de lijst van afstamming van Jezus waarmee het Evangelie van MatteŁs begint: vers 16.
Jacob was de vader van Jozef, de man van Maria uit wie Jezus geboren is, die Messias (gezalfde van God) genoemd wordt.
In de verzen die volgen wordt Jozef een 'rechtvaardige' of 'rechtschapen' man genoemd. Met die woorden werd iedereen getypeerd die overeenkomstig Gods onderrichting leefde. De 10 Geboden of Woorden werden als de kern van die onderrichting gezien. Ze regelden onze verhouding tot God. We zouden Hem dienen te erkennen, aandacht aan Hem moeten besteden en tijd voor Hem moeten nemen (sabbat), zijn Naam met eerbied gebruiken. De andere geboden noem(d) de minimumeisen ten aanzien van onze onderlinge menselijke verhoudingen: respect voor de persoon van de ander, diens integriteit en bezit.
Toen Maria zwanger bleek te zijn wilde Jozef haar niet in opspraak brengen. Taande voor een mysterie had hij respect voor haar persoon en haar integriteit, Door van haar in stille te scheiden wilde hij die in takt laten. Een ingeving tijdens een droom leerde hem Maria tot al echtgenote tot zich te nemen. Dat paste klaarblijkelijk in Gods plan.
 
        Kies een moment van rust en stilte
 
Lees bovenstaande tekst, eventueel twee maal. Laat de positie va Jozef tot u doordringen, vooral ook de reden waarom hij een 'rechtschapene' werd genoemd: zij respect voor de persoon van Maria en het in takt laten van haar integriteit.
 
We gaan (vaak) met mensen om. Niet altijd worden ze door ons begrepen. Soms stellen ze ons voor raadsels, is hun maner van doen een mysterie. Slagen we er dan in om desondanks respect te blijven houden en hun integriteit in takt te laten? De 'rechtvaardige', 'rechtschapen Jozef dient ons tot voorbeeld.  
____________________________________________________________________
 
dinsdag 16 maart 2021 - 4e week in de veertigdagentijd
 
De Bijbelteksten van vandaag zijn genomen uit het Evangelie van Johannes  (hst 5, 1-3a en 5-16) en uit het boek EzechiŽl (hst 47, 1-9 en 12) profeet in Babylon toen hij en zijn medeburgers in ballingschap uit hun eigen land waren weggevoerd in  de 5e eeuw vůůr Christus en Jeruzalem en de tempel waren verwoest.
Het boek EzechiŽl  gaat over de oorzaak van de ondergang van IsraŽl en Juda ten gevolge van de ontrouw aan de ene God en het vereren van afgoden; maar het boek gaat ook over de belofte van terugkeer en herstel Jeruzalem zal worden herbouwd maar ook de tempel.
De tempel, Gods huis onder de huizen van de mensen, is als een bron waar een levensstroom vanuit gaat, die zorgt voor leven en vruchtbaarheid voor mens en milieu.
In het Evangelie van Johannes  bevat de badinrichting bij de schaapspoort geneeskrachtig water waaraan mensen zich toevertrouwen;  zoals pelgrims naar Lourdes vertrouwen op de geneeskracht van het water van de daar aanwezige bron.
 
*Zoek een moment van rust, lees de Bijbelteksten of de hierboven aangegeven tekst.
Lees de teksten desnoods twee maal
en vraag u af: wat heb ik gelezen? Spreken de teksten mij aan en kan ik het met eigen woorden weergeven.
 
Hulpvragen:
 
*Wat betekent een kerkgebouw voor mij, mijn parochiekerk, een bedevaartkerk?
 
* Zijn ze voor mij plekken waar voor mij een 'levensstroom' van uitgaat, een stroom van Gods genade, die mij voedt en vertrouwen geeft,
mijn leven ondersteunt
en in contact met de H. Schrift, in bezinning en gebed mijn dorst naar geestelijk voedsel lest.
 
* Helpen de gelezen teksten mij om op een verdiepte manier naar kerkgebouwen te kijken?  
_______________________________________________________________
 
Dinsdag 16 maart - 4e week in de veertigdagentijd
Lezingen:  EzechiŽl 47, 1-9.12 en Johannes 5, 1-3a.5-16
 
Zoek een stil moment en lees en herlees beide lezingen en laat de inhoud langzaam tot u doordringen.
 
Samenvatting EzechiŽl 47, 1-9.12
 
De engel van de Heer bracht EzechiŽl naar het begin van de bron bij de ingang van de tempel. De engel leidde hem naar de plaats waar de rivier, die allengs steeds groter werd,  uitmondt in de Zoutzee. Overal waar de rivier stroomt, zullen de waterdieren in leven kunnen blijven.
Er zal heel veel vis zijn, want overal waar de rivier komt, zal het water drinkbaar worden, en zal alles in leven blijven. Overal waar de rivier komt, zal het water drinkbaar worden, en zal alles in leven blijven.  De vruchten zullen dienen als voedsel en de bladeren als geneesmiddel."
 
Samenvatting Johannes 5, 1-3a.5-16 (3b en 4 toegevoegd)
 
Omdat er een feest van de joden was, ging Jezus naar Jeruzalem naar een badinrichting Bethesda (=huis van medelijden) geheten. In die gangen lag altijd een groot aantal gebrekkigen (3b) en verlamden, die het moment waarop het water in beweging kwam afwachtten. (4) Want op een bepaald moment daalde een engel van de Heer in het bad en bracht het water in beweging, en wie het eerst in het bad was zodra het water was gaan bewegen, werd gezond, wat voor ziekten hij ook had.
Nu was daar een man, van wie Jezus wist dat die al achtendertig jaar lang gebrekkig was en vroeg hem of hij gezond wilde worden. In plaats met "Ja" te  antwoorden klaagde de man dat er niemand was die hem op tijd in het bad kon brengen en dus altijd te laat was omdat iemand anders vůůr hem het bad afdaalde. Waarop Jezus zei: "Sta op, neem je bed op en loop" waarop de man op slag gezond werd, zijn bed opnam en vertrok. De Joden verweten de man dat hij zijn bed droeg op de Sabbat. De man antwoordde: "Die mij gezond heeft gemaakt, Die heeft mij gezegd: Neem je bed op en loop!". De Joden vroegen wie was, maar de genezene wist het niet, want Jezus had zich ongemerkt teruggetrokken. Later trof Jezus hem in de tempel en sprak tot hem: "Zie, je bent nu genezen. Zondig niet meer, opdat je niets ergers overkomt." De man ging heen en vertelde aan de joden dat het Jezus was die hem genezen had. Omdat Jezus dergelijke dingen op sabbat deed begonnen de Joden Hem te vervolgen.
 
Vragen:
-        Welke eigenschappen hebben de wateren gemeen?
-        Welke zonde zou de genezene hebben begaan toen Jezus zei:  "zondig niet meer, opdat je niets ergers overkomt"?
-        Wat zou Jezus hebben bedoeld met: "Öopdat je niets ergers overkomt".?
-        Waarom zou de genezene de Joden hebben verteld dat het Jezus was die hem had genezen.
 
Naschrift:
"In deze tijd van bekering hernieuwen wij ons geloof, putten wij het "levende water" van de hoop en ontvangen wij met een open hart de liefde van God, die ons verandert in broeders en zusters in Christus", aldus de paus in zijn boodschap voor de veertigdagentijd.
____________________________________________________________________
vrijdag 12 maart 2021 - 3e week in de veertigdagentijd
 
Hosea 14, 2-10
Marcus 12, 28b-34
 
Aanbeveling: zoek een moment van stilte!
 
Marcus 12, 28b-34.
 
'Een van de schriftgeleerden die naar hen geluisterd had terwijl ze discusieerden, en gemerkt had dat hij hun correct had geantwoord, kwam dichterbij en vroeg: 'Wat is van alle geboden het belangrijkste gebod?' Jezus antwoordde: 'Het voornaamste is: "Luister, IsraŽl!  De Heer, onze God, is de enige Heer; heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand en met heel uw kracht." Het op een na belangrijkste is dit: "Heb uw naaste lief als uzelf." Er zijn geen geboden belangrijker dan deze.' De schriftgeleerde zei tegen hem: 'Inderdaad, meester, wat u zegt is waar: hij alleen is God en er is geen andere God dan hij, en hem liefhebben met heel ons hart en met heel ons inzicht en met heel onze kracht, en onze naaste liefhebben als onszelf betekent veel meer dan alle brandoffers en andere offers.' Jezus vond dat hij verstandig had geantwoord en zei tegen hem: 'U bent niet ver van het koninkrijk van God.' En niemand durfde hem nog een vraag te stellen.'
 
Vragen:
 
1.        Wat heb ik gelezen? Kan ik het met eigen woorden zeggen?
 
2.        Kan ik Jezus' boodschap vertalen naar vandaag de dag?
 
3.        Het was Jezus' bedoeling levens te veranderen. Wil ik iets veranderen?
____________________________________________________________________
 
Dinsdag 9 maart 2021 - 3e week in de veertigdagentijd
 
Lezingen: DaniŽl 3,25.34-43; Mt. 18, 21-35
 
VERGEVEN IS NIEUWE KANSEN SCHEPPEN
 
Bedoeld en onbedoeld kunnen mensen dingen zeggen of doen die ons pijnlijk raken. Het is vaak moeilijk om je daar zomaar overheen te zetten. De ander vergeven valt niet altijd mee. Ook zelf zeggen of doen we soms dingen waarmee we anderen kwetsen. Als wij niet in staat zijn de ander te vergeven, hoe kunnen we dan verwachten dat we zelf vergeving ontvangen en een nieuwe kans krijgen? Het een gaat niet zonder het ander, zo leert Jezus ons.
 
In het 18e hoofdstuk van het Evangelie volgens Matteus (vers 21-35) vertelt hij dat Petrus naar Jezus toekomt met de vraag, hoe vaak je je naaste moet vergeven als hij dingen gezegd of gedaan heeft, waardoor jij je gekwetst voelt. Petrus meent, als je dat zeven keer doet, dan is de maat wel vol. Anders voel je je immers niet serieus genomen en heb je de idee dat de ander misbruik maakt van je goedheid. Jezus vertelt zijn leerlingen dan het verhaal van de bediende die zijn koning een onmetelijk geldbedrag schuldig is. Omdat hij niets kan terugbetalen, smeekt hij de koning om geduld. Deze is zo genereus dat hij hem zelfs het hele bedrag kwijtscheldt. Ongelooflijk! Vervolgens is echter die bediende niet bereid een collega uitstel van betaling te verlenen van een klein bedrag. Misschien Ä 200,- of zo: een schijntje in vergelijking met zijn eigen schuld bij de koning. Hij laat zijn collega zelfs gevangenzetten.
 
Door ondoordachte woorden of daden kunnen wij anderen pijn doen of zelfs op hun ziel trappen. We kunnen zo overtuigd zijn van ons eigen gelijk of van het belang van waar we mee bezig zijn, dat we de consequenties voor de ander over het hoofd zien. De naaste voelt zich beledigd en tekortgedaan. Naar de ander toestappen, de gemaakte fout uitpraten en excuus aanbieden, daarvoor voelen we ons vaak te groot. 'Het gebeurde immers niet met opzet; die ander moet zich niet zo snel op zijn tenen getrapt voelen en niet flauw doen!'  Dit soort excuses hebben we makkelijk bij de hand. We staan er vaak niet bij stil wat onze fout teweegbrengt bij die ander. Ook zelf voelen we ons niet happy met wat we de ander hebben aangedaan. Het blijft hangen in ons achterhoofd en we dragen het vaak als een last met ons mee. Als iemand ons pijn heeft gedaan, kun je de 'beledigde majesteit' uithangen, maar wie wordt daar beter van?  Als de ander niet naar je toekomt om de zaak uit te praten en excuus aan te bieden, kun je nog altijd aan een vertrouwenspersoon vertellen van het onrecht en verdriet dat jou is aangedaan. Delen geeft verlichting. Je kunt je pijn en die ander aan God toevertrouwen in je gebed. Want van 'nahouden' en vergelden wordt niemand beter. Zolang je over het gebeurde blijft dubben, sleep je dat als een last met je mee. Als we zaken niet durven uitpraten en vergeven - hoe moeilijk dat ook kan zijn - zetten we onszelf en de ander als het ware gevangen en sluiten we nieuwe kansen uit, niet alleen voor de ander, maar ook voor onszelf. Wat houdt ons tegen om naar de Koning van de parabel te gaan en van harte te bidden om zijn grootmoedigheid? Jezus zegt zelfs:  'Als je je tot God wendt en je gave komt aanbieden en je herinnert je dan dat je broeder iets tegen je heeft, laat je gave dan voor het altaar achter en ga je eerst verzoenen met je broeder of zuster en kom dan terug om je gave aan te bieden'. Wat een brok 'huiswerk' in deze veertigdagentijd, maar het kan ons heel wat 'opleveren'.
 
A. Franssen, p.
____________________________________________________________________
 
Vrijdag 5 maart 2021- 2e week in de veertigdagentijd.
 
Lezing: Genesis 37, 3-4.12-13a. 17b-28 en Mt. 21, 33-43.45-46
 
Wij zoeken een stil moment en lezen en herlezen de lezingen voor deze dag en laten de inhoud langzaam tot ons doordringen.
 
Genesis 37, 3-4.12-13a. 17b-28 (hieronder samengevat voor degenen die niet over een Bijbel beschikken)
 
IsraŽl hield meer van Jozef dan van al zijn andere zonen.
Hij had voor hem een prachtig kleed laten maken.
De broers bemerkten dat hun vader meer van Jozef hield dan van hen, en zij gingen hem zo haten, dat ze geen goed woord meer voor hem overhadden.
Eens waren zijn broers bij Sichem. Jozef ging zijn broers achterna. Zodra Jozef bij zijn broers kwam trokken zij hem het kleed uit, het prachtige kleed dat hij droeg, grepen hem en wierpen hem in een (doge) put. Door tussenkomst van Ruben en Juda doodden zij Jozef, hun eigen vlees en bloed, niet maar verkochten hem voor twintig sikkel zilver aan de IsmaŽlieten.
 
MatteŁs 21:33-43, 45-46. (samengevat)
 
In deze parabel gelijken de hogepriesters en de oudsten op de pachters van de wijngaard.  Ze zijn niet bereid om op de gestelde tijd de opbrengst af te staan aan de heer van de wijngaard. Zij doden zijn gezanten, ja zelfs de zoon van de eigenaar om zich zo de wijngaard toe te eigenen. Jezus denkt ongetwijfeld aan wat hem zelf te wachten staat. Jezus waarschuwt de hogepriesters en farizeeŽn dat hen het Rijk Gods ontnomen zal worden en gegeven wordt aan een volk, dat wel de vruchten daarvan opbrengt. Toen zij Zijn gelijkenis gehoord hadden begrepen ze dat Hij over hen sprak. Zij wilden hem gevangennemen, maar ze waren bang voor de volksmassa omdat men hem voor een profeet hield.
 
Vragen:
 
Afgunst en hebzucht lopen als een rode draad door beide lezingen.
* Staat u wel eens stil bij de omstandigheden die iemand tot misdadiger - zoals de broers van Jozef of de pachters van de wijngaard - kunnen maken?
 
Wij zijn de wijnbouwers in deze gelijkenis. De eigenaar laat ons de wijngaard beheren zoals wij dat willen - maar wij bezitten de wijngaard niet. Wij zullen daarom rekenschap moeten afleggen.
* Wat komt de eigenaar toe en wat zal onze beloning zijn?
 
De hogepriesters en FarizeeŽn waren bang voor Zijn woorden, want zij waren bang voor de reacties van de anderen.
* Waarom waren zij eigenlijk nu zo bang voor de reacties?
 
Naschrift: "Laten wij ons wederzijds aansporen om overal, veraf en op moeilijke plekken, de wijngaard te zijn van de Heer" (paus Franciscus, angelus, 8 oktober 2017).
____________________________________________________________________
 
Dinsdag 2 maart 2021 - Bezinnende teksten 40-dagentijd.
 
Lezingen: Jes. 1,  10 + 16-20    en    Mt. 23, 1-12.
 
Beide zijn supersterke teksten, zeer de moeite waard om te lezen en te overwegen.
 
In de Jesaja-tekst gaat het om 'gerechtigheid beter dan offers'. Jahwe zegt letterlijk: "feestvieren samen met onrecht kan ik niet uitstaan".  Wandaden kunnen niet goed gemaakt worden met offers. Alvorens te offeren: eerst het bloed van uw handen wassen en u reinigen door het goede te doen, rechtvaardigheid te betrachten, verdrukten te helpen, recht te verschaffen aan wezen, weduwen te verdedigen, enz.
In de tekst van MatteŁs houdt Jezus een strafrede tegen FarizeeŽn en wetgeleerden. Letterlijk staat er: "Doet en onderhoudt daarom alles wat zij u zeggen, maar handelt niet naar hun werken: want zelf handelen ze (de wetgeleerden) niet naar hun woorden. Zij maken bundels van zware, haast ondraaglijke lasten en leggen die de mensen op de schouders, maar zelf zullen ze er geen vinger naar uitsteken. Alles wat zij doen, doen zij om bij de mensen op te vallenÖÖ.". Christus keurt de titel 'Vader' niet af, maar wel het pochen met dergelijke titels. De tekst eindigt met: Al wie zichzelf verheft, zal vernederd en wie zichzelf vernedert zal verheven worden.
 
Vragen
1.        Kunt u zich vinden in de Jesaja-tekst? Zo ja, waarom? Zo nee, waarom niet?
2.        Waar bevindt u zich op de lijn tussen 'haantje de voorste spelen' en 'bescheidenheid (soms valse) betrachten'?
3.        Ter overweging: In hoeverre laten wij het zware, vuile werk door anderen opknappen? ____________________________________________________________________
 
vrijdag 26 februari 2021.
 
EzechiŽl 18, 21-28, MatteŁs 5, 20-26
 
Aanbeveling: zoek een moment van stilte!
 
MatteŁs 5, 20-26
ĎWant ik zeg jullie: als jullie gerechtigheid niet groter is dan die van de schriftgeleerden en de FarizeeŽn, zullen jullie zeker het koninkrijk van de hemel niet binnengaan.
 
Jullie hebben gehoord dat destijds tegen het volk is gezegd: ďPleeg geen moord. Wie moordt, zal zich moeten verantwoorden voor het gerecht.Ē En ik zeg zelfs: ieder die in woede tegen zijn broeder of zuster tekeergaat, zal zich moeten verantwoorden voor het gerecht. Wie tegen hen ďNietsnut!Ē zegt, zal zich moeten verantwoorden voor het Sanhedrin. Wie ďDwaas!Ē zegt zal voor het vuur van de Gehenna* komen te staan. Wanneer je dus je offergave naar het altaar brengt en je je daar herinnert dat je broeder of zuster je iets verwijt, laat je gave dan bij het altaar achter; ga je eerst met die ander verzoenen en kom daarna je offer brengen. Leg een geschil snel bij, terwijl je nog met je tegenstander onderweg bent, anders levert hij je uit aan de rechter, draagt de rechter je over aan de gerechtsdienaar en word je gevangen gezet. Ik verzeker je: dan kom je niet vrij voor je ook de laatste cent betaald hebt.í
 
* Gehenna: verblijf der goddelozen, hel.
 
Vragen:
    Wat heb ik gelezen? Kan ik het met eigen woorden zeggen?
    Jezus moedigt ons aan ťťn van de moeilijkste dingen van het leven in praktijk te brengen: te vergeven. Zou dat ook voor mij betekenis kunnen hebben? Waarom? Waarom niet?
    Jezus zegt ook: Let erop hoe we met elkaar omgaan; verzoen je in ieder geval met elkaar! Kan ik hier invulling aan geven als voorbereiding op Pasen?
 
Theo Dahlmans
____________________________________________________________________
 
dinsdag 23-02-2021
 
WAT WAARD IS OM GEDAAN TE WORDENÖÖÖÖÖ
 
We horen het wel eens van mensen die op vakantie waren of gewoon een paar dag er tussen uit: 'Dat heeft me goed gedaan! Ik ben er van opgeknapt'. Even uit de sleur van alledag, geen verplichtingen, een andere omgeving en andere mensen ontmoet. Nu is de veertigdagentijd geen vakantietijd, maar ze nodigt ons wel uit het ritme en de sleur van alledag te doorbreken en wat vaker 'stil te staan'. Misschien hebt u de idee, dat 'vasten' een kwestie is van bijzondere dingen doen, extra inspanningen leveren zoals minder eten, niet roken, geen alcohol, niet snoepen. Als u dat wil doen is dat prima. Het zal uw gezondheid ten goede komen. Het gaat in deze voorbereiding op Pasen echter niet om 'bijzondere prestaties', maar veeleer om de gewone dagelijkse dingen meer bewust te doen en met meer aandacht en liefde. De H. Benedictus zegt in zijn leefregel voor de monniken: 'Dingen die de moeite waard zijn om te doen, zijn het ook waard om goed gedaan te worden'.  Ook al kost dat wat meer moeite.  Misschien hebben er zich in ons leven gewoontes gevormd, waar we geen goed gevoel bij hebben; dingen die wij graag anders zouden willen (doen). Bijv.  TV kijken, ongeacht de inhoud, waardoor er tijd verloren gaat voor rust en we geen  tijd hebben voor het gesprek met partner of kinderen of voor die klus die maar wordt uitgesteld. Misschien hebben we eetgewoontes of drinkpatronen, waarmee we ons niet happy voelen. En we weten: als wij er niets aan doen, blijft het zoals het is en blijven we leven met een onbevredigd gevoel en een stuk onvrede. Misschien zijn er andere zaken die ons niet lekker zitten: bv. een ruzie die maar doorziekt, een bezoek waar we tegenop zien. Kortom: zaken die in ons hoofd blijven hangen en ons leven van alledag belasten.
 
Als we ogen en oren de kost geven, zien we hoeveel medemensen op onze aarde geplaagd worden door honger; kinderen die sterven door ondervoeding. Slachtoffers van natuurrampen enz.  Vrijwel dagelijks vallen er acceptgiro's in de bus van mensen in nood. We kunnen ze niet allemaal honoreren, maar enkelen helpen met onze bijdrage is  goed mogelijk. Ook de bisschoppelijke Vastenactie nodigt ons daartoe uit. Duidelijk is dat God van niemand het onmogelijke verlangt, maar misschien zijn we tot meer in staat dan we zelf vaak denken.  'Consuminderen'  kan ons helpen. De veertigdagentijd nodigt ons uit onze naasten 'wel' te doen, mensen in nood 'recht' te doen'. Dat zal onszelf deugd doen: meer vrede geven en voldoening.         
 
A. Franssen, p.
____________________________________________________________________
 
vrijdag 19-02-2021
 
BEZINNING VRIJDAG NA ASWOENSDAG 2021
 
Kies een moment voor bezinning waarop u niet gestuurd kunt/wilt worden
Lees de tekst, lees hem desnoods tweemaal.
 
TEKSTEN uit de H. Schrift: Jesaja 58, 1-9a; MatteŁs 9, 14-15
De tekst uit het Boek Jesaja, dat ons vandaag wordt voorgesteld is uit het 3e gedeelte van het boek uit de tijd dat IsraŽl in eigen land is teruggekeerd na de Babylonische ballingschap. De problemen waarmee het volk dan te maken krijgt vinden hun oorzaak in zijn tekortkomingen Het volk beroept zich op zijn godsdienstige praktijken zoals het vasten maar gedraagt zich niet overeenkomstig Gods bedoelingen en maakt ruzie. Het gedraagt zich als de heidenen in plaats van voor hen een voorbeeld te zijn.  Door de profeet wordt 'in Gods Naam gesteld:
                Is dit niet het vasten dat ik verkies:
                Misdadige ketenen losmaken,
                de banden van het juk ontbinden,
                de verdrukten bevrijden
                en ieder juk breken?
                Is het niet je brood delen met de hongerige,
                onderdak bieden aan armen zonder huis,
                iemand kleden die naakt rondloopt,
                je bekommeren om je medemensen.
                Dan breekt je licht door als de dageraad,
                je zult spoedig herstellen;
                je gerechtigheid gaat voor je uit.
 
Iedere tijd heeft zijn eigen mogelijkheden om wat hierboven staat na te streven en onze medemensen en met name de (kans)armen tegemoet te komen. De laatste regels geven het positieve resultaat aan van ons handelen ten goede: licht zijn voor anderen enleven vanuit 'gerechtigheid'.
 
VRAAG: welke zijn onze mogelijkheden en benutten we die feitelijk ook?
____________________________________________________________________
 
woensdag 17-02-2021
 
ASWOENSDAG 2021
Lezingen: JoŽl 2, 12-18; MatteŁs 6, 1-6.16-18
 
Het bisdom Roermond heeft een 'Aswoensdagtekst' in kaartvorm aan de parochies doen toekomen, die de parochianen thuis kunnen gebruiken.  Ze omvat verwijzingen naar de boven vermelde Schriftlezingen van de dag, overweging en gebed. De teksten zijn klassiek, bekend misschien, maar toch ook uitdagend om er elk jaar weer bij stil te staan.
Onze kwetsbaarheid en eindigheid staan op de voorgrond. Het zijn thema's die ons zeker bezig kunnen houden in coronatijd.
U kunt de Aswoensdagkaart vinden in de kerken van onze cluster Morgenster.
 
Voor degenen, die op Aswoensdag niet naar de kerk kunnen komen of er niet binnen mogen, omdat er zich al dertig kerkgangers hebben aangemeld, een tekst ter bezinning op basis van het MatteŁsevangelie (zie boven), genomen uit de zogenoemde Bergrede, in zekere zin een vervolg op de 10 Geboden uit de Wet van Mozes.
 
Het gedeelte dat we op Aswoensdag lezen is een bezinning op de achtergrond van ons menselijk doen en laten.
 
KIES EEN MOMENT DAT U NIET GESTOORD OF AFGELEID WORDT
 
Lees de tekst uit het MatteŁsevangelie helemaal of het begin en einde ervan:
Vers 1'Let op dat jullie de gerechtigheid niet beoefenen voor het oog van de mensen, alleen om door hen gezien te worden'.
Vers 18. Jullie Vader, die in het verborgene ziet, zal je ervoor belonen.
 
DE VRAAG DIE ONS GESTELD WORDT IS:
waar is het ons bij ons om begonnen       
als we eerlijk en oprecht willen handelen,
goede doelen steunen (aalmoezen geven);
bidden,
ons iets ontzeggen bv. afzien van of beperking van genotmiddelen?
 
Gaat het ons om de goedheid en de liefde zelf?
gaat het ons om de dienstbaarheid aan medemens?
en om waarachtige godsdienstigheid?
 
of gaat het om ons zelf? Willen we gezien en geprezen worden?
                                                                                A.R.