Welkom

Algemene informatie

Mededelingen

De overwegingen

Agenda

Parochiebladen

Wat en Hoe bij..... !!

Opleiding en Vorming

Tarieven

Links

Preventie & AVG

Missie (M.O.V.-groep

Zaterdag 18 juni 2022 (Nijswiller) - Sacramentsdag (hoogfeest) - Heilig Sacrament van het Lichaam en Bloed van Christus.
Lezing uit Genesis 14, 18-20 en Lucas 9, 11b-17.
 
Beste parochianen,
 
We vieren vandaag Sacramentsdag, een feest, dat pas sinds 1246 is begonnen in Luik, wordt gevierd. Toen de Luikse kloosterzuster Juliana van Cornilllon geraakt werd door het gebrek aan eerbied voor het Allerheiligste, waarin Jezus Christus' tegenwoordigheid onder ons wordt gevierd. Ze vond dat er eerherstel gebracht moest worden voor het gebrek aan eerbied. Toen ontstond de dag die toegewijd werd aan 'het sacrament van het altaar'. De instelling ervan werd en wordt gevierd op de Witte Donderdag, gedachtenis van Jezus' laatste avondmaal met zijn leerlingen. In 1277 trok de eerste bekende Sacramentsprocessie door Keulen.
 
God wil altijd met ons zijn. Het is duidelijk te zien in de heilsgeschiedenis. De eerste mensen, Adam en Eva hebben de vaderlijke relatie met God verbroken door hun zonden. Deze zonden brengen hen ver weg van God. In het begin hadden ze goede relatie met God. Ze wandelden met God in de tuin. Ze konden met God praten net zoals ze praatten met elkaar. God was voor hen als een schepper, een vaderlijke figuur. Maar door hun zondige leven, omdat ze geen God boven zich wilden, gingen ze de weg van de hoogmoed. Ze konden God niet meer echt zien met hun ogen. God was volgens hen in de natuur, in de berg en in de hemel.
De mensen wilden de relatie met God niet herstellen. Maar God wilde wel bij de mensen blijven wonen. Daarom kwam Hij vanuit de hemel in de ark van het Verbond wonen en later in de tempel. Maar de mensen gingen desondanks steeds meer weg van God. Daarna wilde God de afstand tussen Hem en de mensen nog korter maken. Hij kwam onder de mensen wonen. Hij werd als mens. Hij was zichtbaar geworden in de persoon van zijn Zoon Jezus Christus. Na de dood en verrijzenis van Jezus wilde Hij nog dichter bij ons komen. Hij wilde in ons hart komen wonen. Daarvoor heeft Jezus de heilige Eucharistie ingesteld tijdens het laatste avondmaal. Nu woont God in ons midden in de heilige Eucharistie.
 
Zo komt God vanuit de hemel naar ons toe. Hij wil altijd met ons zijn. Maar hoe reageren wij op deze liefde van God. Willen wij ook van onze kant de relatie met God vasthouden? Bereiden wij ons altijd goed voor om heilige communie te ontvangen? Of blijft het ontvangen van de heilige communie voor ons gewoon een gewoonte?
Als wij de heilige hostie zonder voorbereiding ontvangen, is dat jammer. Het zal ons verlangen naar innerlijke liefde niet verzadigen. Als wij de heilige Eucharistie vruchtbaar willen ontvangen, zijn er wel een paar voorbereidingen noodzakelijk.
 
Ten eerste mogen wij ons hart zuiveren door het sacrament van verzoening, nl. de biecht. Om het sacrament van de biecht in ons toe te laten hoeven wij geen grote zondaar te zijn. Want de meeste heiligen hebben een of twee keer per week gebiecht. Wij, priesters biechten ook elke maand.
 
Ten tweede mogen wij geloven dat Jezus Christus in de heilige hostie aanwezig is. Daarvan moeten wij ons allereerst bewust zijn tijdens het ontvangen van de heilige communie en daarom zeggen we "AMEN" als antwoord op het woord van de priester die zegt: "het lichaam van Christus". Het is zeer belangrijk om "amen" te zeggen.  Want "AMEN" betekent "Ik geloof dat het zo is". Als wij "AMEN" zeggen, dan wil dat zeggen, dat wij geloven dat de hostie niet meer een stukje brood is, maar het lichaam van Christus waar Jezus aanwezig is.
 
Ten derde mogen wij na het ontvangen van de h. hostie naar onze plaats gaan om in stilte tot God te bidden. Het is echt belangrijk om na het ontvangen van de communie in stilte te bidden. Want alleen in stilte horen wij de stem van God in ons hart. Als we ons via deze drie dingen voorbereiden: Allereerst door het sacrament van biecht (tijdens de H. Mis in de vorm van de schuldbelijdenis), dan door het geloof te belijden door het uitspreken van het woord "AMEN" en in stilte tot God te bidden bij het ontvangen van de heilige Eucharistie, dan zal de communie een vruchtbare communie worden en onze geestelijke honger kan verzadigen.  Amen.
 
Kapelaan Siju Vins
_________________________________________________________
 
Zaterdag 11 juni 2022 (Nijswiller) - Zondag na Pinksteren
Lezing uit Spreuken 8, 22-31 en Johannes 16, 12-15.
 
Heilige Drie-eenheid
 
Beste mensen, Het feest van de heilige Drievuldigheid of de heilige Drie-eenheid, moge voor ons een aanleiding zijn om ons enkele ogenblikken te bezinnen op ons geloof in de drie-ene God. Het idee dat God: Vader, Zoon en Heilige Geest is en toch maar ťťn God, is de leer van de Kerk sinds het allereerste begin. We weten dat het een geopenbaarde leer is. Maar als iemand je vraagt om het uit te leggen, dan is het nogal moeilijk.  En dat is maar goed ook.
Er is een oud verhaal over een man die naar de berg gaat om de Guru (de wijze man) te ontmoeten.
En de Guru zit daar een beetje half te knikkebollen. En de Guru zegt, "Wat kan ik voor je doen?"
En de man zegt, "Ik wil dat u me God uitlegt, zodat ik mijn best zal doen om Hem te aanbidden zoals u doet."
Het was een heel aardige man en de Guru zei tegen hem: "Een God die je kunt uitleggen, is geen God, God moet je aanbidden."
 
En dat is waar. "God woont in het ontoegankelijke licht," zegt Johannes. En dat zet ons op onze plaats. Dus alles wat we over God zeggen is een soort van uitpuzzelen op een menselijke manier. Het wonderbaarlijke van de menswording is; dat God met grote liefde naar ons kijkt. En Hij realiseerde zich dat; de enige manier waarop wij Hem konden beginnen te begrijpen zou zijn; dat Hij de eerste stap zou zetten. En zo vond de menswording plaats en werd Hij mens, lichaam en ziel, en ervoer het leven, het hele leven van de mensheid. En dit was Zijn Zoon, Jezus.
 
En daardoor is veel over God duidelijk geworden.  Wij noemen God "Vader" en inderdaad Hij is onze Vader. Wij kunnen God onze broeder noemen en inderdaad Hij is onze broeder in Jezus die met ons door het leven gaat. En wij noemen God de Heilige Geest, want Jezus zegt: "Er is een ander die na mij komt. Dit is de Geest. En Hij zal u vervullen met het inzicht en de kennis van alles wat de Vader mij gegeven heeft, dit alles zal Hij u geven."
 
En zo wandelen we in de geest van God, de diepe liefde van God. We wandelen met de Vader en noemen Hem Vader, we wandelen met de Zoon en noemen Hem Zoon, en we zijn omhuld door de Liefde die ons allen bindt.
 
In feite is de Drie-eenheid geen leer die begrepen moet worden. In wezen is het een manier van leven met het grote onbekende. Jezus heeft geopenbaard dat God de Schepper en dat God de Verlosser is. Het is een mooie manier om te zeggen waar we moeten zoeken naar de Drie-eenheid.  Die moeten het niet buiten Hem zoeken, of in boeken over filosofie, of al die wonderbaarlijke verklaringen of pogingen om de mysteries van de wereld te begrijpen. Wij moeten in ons eigen hart kijken.  Leven wij zelf volgens Zijn liefdevolle instelling?
Wij zijn gemaakt naar het beeld en de gelijkenis van God.
U kunt daar eens over nadenken. En probeer het de rest van uw leven uit te puzzelen.
 
Wat betekent het om gemaakt te zijn naar het beeld van God? Wel, het betekent niet lichamelijk, maar het betekent wel geestelijk. Het betekent dat God je uit liefde heeft geschapen, opdat je Hem in ruil daarvoor zou liefhebben. En het is inderdaad Zijn liefde waarmee wij elkaar liefhebben.
 
Als je wilt weten wie God is en wat Hij doet en hoe Hij werkt, moet je beginnen met de liefde. Want Johannes zei in zijn evangelie: "God is liefde." Als je weigert lief te hebben, zul je nooit weten wie Hij is. Als je weigert in zorg uit te reiken naar al Zijn menselijke wezens om je heen, zul je nooit weten wie Hij is. Want God is gekomen en Hij verbergt Zich in ons eigen hart, en de naam van dit verborgene is Gods liefde.
 
Dus vieren we vandaag de komst van Gods liefde, want God is liefde, en hoe Hij ons meesleept in een nieuw begrip; dat wanneer we elkaar liefhebben, we God liefhebben; en wanneer we elkaar de hand reiken, we God verwelkomen; en wanneer we voor elkaar zorgen, we voor God zorgen.
 
Laten wij dus de Drie-eenheid vieren, niet als een duistere leer van tweeduizend jaar, maar door het leven dat wij moeten leiden. Het is het geven van onszelf als mens, het is het vergeven van een medemens in de Geest van God, door de Liefde die wij met elkaar mogen delen. En dit is wat het leven met God eeuwig maakt. Eťn zijn met Hem is; elkaar liefhebben en de eeuwigheid van Gods leven ervaren, ťťn met de Vader, ťťn met de Zoon en vervuld zijn van de heilige Geest. Amen.
 
Kapelaan siju vins
_________________________________________________________
 
1e PINKSTERDAG - Nijswiller
Lezingen: Handelingen 2, 1-11; Romeinen 8, 8-17; Johannes 14, 15-16.23-26
 
Je hoort nogal eens over opvattingen of gebruiken oordelen met de woorden: 'dat is niet (meer) van deze tijd'. Bijvoorbeeld als je geen smartphone of mobiele telefoon hebt, ben je niet meer van deze tijd. Iedere periode in de geschiedenis wordt gekenmerkt door een bepaalde 'tijdgeest', die ons denken en doen mee bepaalt. We constateren allemaal, oud en jong, dat er veel veranderd is en dat er nog altijd veel verandert. Dat beÔnvloedt de tijdgeest. Een jaar of tien geleden hoorde bij de tijdgeest, aan onze kant van de wereld, het geloof, dat we er permanent op vooruit zouden gaan en onszelf meer en meer zouden ontwikkelen. Daarbij hoorde ook de opvatting , dat we op de duur zelf een oplossing zouden vinden voor alle problemen van geboorte tot dood. Dat kon misschien met enige pijn en moeite gepaard gaan. Dat hoorde bij het leven, maar het werken aan oplossingen was aan ons. En, was er al niet veel bereikt, bijvoorbeeld op het gebied van de vrijheid van meningsuiting, gelijke rechten van mensen, los van welk ras of geslacht ze waren? Was zo niet de tijdgeest van toen? Wat er ook van zij, het lijkt erop dat we nu minder zeker van onszelf zijn  geworden, o.a. onder invloed van de coronapandemie, de oorlog in OekraÔne en de gevolgen daarvan wereldwijd; door de voelbare strijd om invloed en macht door de grootmachten der aarde. Ook problemen die spelen als de opwarming van de aarde; de komst van vluchtelingen en asielzoekers en hun culturen en godsdiensten lijken te horen bij de tijdgeest van nu. We voelen invloeden van buiten, hebben moeite met het overzicht van wat er zich allemaal afspeelt. Dat maakt ons bezorgd over het behoud van onze welvaart en vrijheid? Tijdgeest beÔnvloedt ons allemaal, of we gelovig zijn of niet, of christen zijn of niet. We hebben onze gemeenschappelijke zorgen. Maar als christenen staan we ook het leven als mensen die geloven in de Geest van God die ons is en als positieve kracht in onze geschiedenis. We halen als christenen onze oriŽntatie in verhalen uit de H. Schrift, zoals het Pinksterverhaal. De leerlingen van Jezus werden omringd door een 'tijdgeest' die door en door godsdienstig was, maar ook bepaald werd door een menigte van bovenaf opgelegde gedetailleerde voorschriften. Op de rustdag, de sabbat mocht men, bijvoorbeeld, maar 2000 passen zetten en mocht men niet 'werken'. Op die dag mocht Jezus zich niet het lot van zieke mensen aantrekken en hen genezen. Jezus stelde daar zijn opvatting tegenover, dat Gods liefde de mensen en hun heil vooropstelt. Hij zelf moest de werken doen die zŪjn en ůnze hemelse Vader hem had opgedragen. Het voornaamste dat Hij van zijn volgelingen vroeg was liefde voor God en medemens. Daarmee ging Hij in tegen de tijdgeest van toen.
 
In  het Evangelie van Johannes beveelt Jezus zijn leerlingen, dus ook ons, aan om zijn aanwijzingen te volgen. Dat heeft positieve gevolgen: 'Als jullie mij liefhebt zullen jullie mijn geboden onderhouden, mijn (onze) hemelse Vader zal jullie liefhebben en wij zullen tot jullie komen en ons verblijf bij jullie nemen.  De Vader zal ook - op mijn gebed - jullie een andere Helper geven, die voor altijd bij jullie blijft, de H. Geest die jullie alles in herinnering zal brengen wat ik jullie gezegd heb'.
 
De komst van de Geest wordt gevierd op Pinksteren, vijftig dagen na Pasen met de viering van het Joodse 'Wekenfeest'  de afsluiting ervan. In de 1e lezing maken we mee welke uitwerking de komst van Gods Geest op leerlingen heeft. Ze doorbreken het enge  geestesklimaat van die tijd en komen uit voor hun geloof in Jezus, wiens woorden en daden gericht waren op het heil van allen, van welk ras en welke taal ook. Die Geest werkt ook in ons als we ons ervoor openstellen. De Geest is de Helper die ons doet leven vanuit wat Jezus ons heeft voorgehouden en voorgedaan. Daarmee leveren we 'een heilzame bijdrage van hoop, liefde en engagement ten behoeve van de tijdgeest van nu. De komst van de Geest met Pinksteren is er ook voor ons. Amen.
 
Emeritus-pastoor A. Reijnen
_________________________________________________________
 
Donderdag 26 mei 2022 (Nijswiller) - Hemelvaart van de Heer. Donderdag na de 6de zondag van Pasen.
Lezingen uit Handelingen 1, 1-11 en Lucas 24, 46-53. 
 
DE H. GEEST ZAL JE ALLES DUIDELIJK MAKEN.
 
Tegenstellingen en meningsverschillen komen we tegen op tal van terreinen en in allerlei kringen. Voorbeelden hoef ik U niet te noemen. Ook dichtbij huis.  Dat brengt veel spanningen met zich mee. Het blijkt ook voor te komen onder de leerlingen van Jezus. Aanvankelijk  zijn het vooral Joden die zich tot het christendom bekeren. Zij zijn sterk gehecht aan de Thora, de Wet van Mozes. Paulus en Barnabas  komen op hun missiereizen echter in aanraking  met veel niet-Joden die christen willen worden. Orthodoxe Joden zijn van mening dat ook heiden-christenen zich - net als zij -  moeten laten besnijden. Paulus en Barnabas willen echter die zgn. heiden-christenen niet opzadelen  met de voorschriften van de Joodse Wet. En omdat ze  er niet uitkomen, gaan ze met die strijdvraag naar de apostelen en oudsten in Jerusalem. Die beleggen een vergadering en komen tot de conclusie dat men Jezus-gelovigen  onder de niet-Joden, christenen uit het heidendom geen onnodige lasten moet opleggen. Voor hen gelden alleen de meest elementaire geboden en daar hoort de besnijdenis niet bij!. Van hen wordt alleen gevraagd wat strikt noodzakelijk is voor een christelijk leven. Jezus is immers op aarde verschenen niet alleen voor het Joodse volk, maar voor heel de mensheid.  Nou kun je in geval van een ernstig meningsverschil elkaar de rug toekeren en je eigen weg gaan, maar dat maakt het leven alleen maar moeilijker. Dan vallen er slachtoffers en worden vriendengroepen en families uiteengerukt. De leerlingen van Jezus kiezen voor een andere mogelijkheid. Ze gaan met elkaar praten, hoe lastig dat ook is. Standpunten worden uiteengezet, waarbij de emoties hoog kunnen oplopen en er harde woorden kunnen vallen. Maar beide partijen hebben eenzelfde doel: ze willen er samen uitkomen en samen verder. Waarschijnlijk zullen zij zich de vermaning van Jezus herinnerd hebben: ' Als je de belangrijkste wilt zijn, dan moet je de dienaar van allen worden'. Als we dat advies van Jezus serieus nemen, dan zullen we alle moeite moeten doen om de ander tot zijn/haar recht te laten komen. We zullen ons moeten openstellen voor wat de ander of de andere partij denkt, voelt en bezielt. Het gaat erom dat we willen verstaan wat de naaste bezig houdt en drijft; dat we naar elkaar willen luisteren. Dat is wat Jezus bedoelt als Hij spreekt over elkaar liefhebben. Niet bekvechten voor eigen gelijk, maar ons openstellen voor de meningen, gevoelens en belangen van een ander. De ander alle gelegenheid geven om vragen te stellen bij onze zienswijze.
 
Jezus heeft zijn leerlingen beloofd: ' Ik laat jullie niet verweesd achter. De pleitbezorger, de H. Geest die de Vader jullie namens Mij zal sturen, Hij zal je alles duidelijk maken en in herinnering brengen wat Ik jullie heb gezegd'. De H. Geest, de pleitbezorger, de trooster en helper: Hij zal de leerlingen leiden en leren, hen troosten bij verdriet en hen  verder helpen op het pad van de vrede. In dit vertrouwen gaan Paulus en Barnabas naar Jerusalem om de kwestie, die verdeeldheid veroorzaakt in de jonge kerk, voor te leggen aan de apostelen, de oudsten en de rest van de christengemeente. Ze durven dat omdat ze vertrouwen op de H. Geest die Jezus hen heeft beloofd. Ze blijven elkaar geen verwijten maken, maar willen samen met de apostelen zoeken naar wat hen verbindt. Ze doen wat menige moeder of vader van een groot gezin doen: luisteren naar de verhalen van hun kinderen, niet oordelen en partij kiezen, maar ze bewaren wat er gezegd wordt in hun hart en doen alles wat de eenheid tussen hun kinderen kan bevorderen.
 
Sprekend over de werkzaamheid van de H. Geest moest ik denken aan het volgende: hoe vaak gebeurt het niet als iemand ons iets gezegd heeft, dat we ons aanvankelijk wat overrompeld voelen. Later komen die woorden ons weer voor de geest. We proberen ons te herinneren wat die ander precies gezegd heeft. Woorden die ons aanvankelijk niet zijn opgevallen malen nu door ons hoofd.. Dingen die we niet wilden horen of waar we het niet mee  eens waren, komen naderhand vaak in onze gedachten terug. Je kunt je afvragen: 'Is dat misschien het werk van de H. Geest? Dat Hij ons open maakt voor zaken die we niet willen horen of waar we aanvankelijk niet aan hebben gedacht, maar die wel belangrijk zijn? Misschien is dat wel de belangrijkste taak van de H. Geest, dat Hij bij machte is ons hart te openen en ons te bevrijden van onze geslotenheid en het vechten voor het eigen gelijk. Wie wordt er niet bang, als iemand vragen stelt bij ideeŽn en opvattingen die ons heilig zijn? De H. Geest die  ons op gedachten brengt waar we niet bij hebben stil gestaan of die we altijd hebben afgeweerd? Wij  zijn misschien gewend de lakens uit te delen en onze opvattingen als de enig juiste te beschouwen . We achten ons misschien op veel terreinen de meerdere van anderen. Blijkbaar is dat dienaar zijn moeilijker dan we gedacht hadden. Misschien zijn er in onze kring mensen over wie we nauwelijks iets positiefs kunnen zeggen, terwijl Jezus ons oproept niet te oordelen over anderen, maar te bidden voor wie ons niet aanstaan. Hoe makkelijk zoeken we vooral contact met mensen die voor ons belangrijk zijn en hebben we weinig oog voor wie in onze ogen onbetekenend zijn, zoals mensen die kwetsbaar zijn v.w. ziekte, armoe of gebrek aan opleiding en ervaring? M.a.w. Jezus opdracht om onze naaste lief te hebben en te dienen blijkt verre van eenvoudig. We kunnen ons afvragen of we niet juist de H. Geest nodig hebben om ons voor die realiteit de ogen te openen? Immers voor zaken die niet in onze kraam passen, sluiten we ons makkelijk af, terwijl Jezus zelf steeds bijzondere aandacht en zorg heeft getoond voor wie onbeduidend, kwetsbaar en weerloos waren. Het is de H. Geest die ons zijn Boodschap voortdurend in herinnering brengt. Met Pinksteren in het verschiet bidden wij vurig dat de H. Geest op ons zal neerdalen en ons hart zal openen voor Jezus' Boodschap en opdracht. AMEN
 
Pastor A.G.M. Franssen
_________________________________________________________
 
Zaterdag/zondag 14/15 mei 2022  - 5de Zondag van Pasen.
Lezingen uit Handelingen 14, 21-27 en Johannes 13, 31-33a + 34-35. 
 
LIEFDE ALS HERKENNINGSTEKEN EN OPDRACHT
 
In een levenstestament wordt een vertrouwenspersoon of gevolmachtigde  genoemd die namens mij kan optreden, als ik daar zelf niet meer toe in staat ben. Aan zo'n levenstestament moest ik denken bij het lezen van het Evangelie van deze dag. Op de avond van het Laatste Avondmaal, als Jezus duidelijk ziet dat zijn leven ernstig wordt bedreigd, dicteert Hij a.h.w. zijn levenstestament. Hij laat zijn leerlingen geen bezittingen na. Wel wijst Hij hen aan als zijn vertrouwenspersonen. Hun vertrouwt Hij zijn levensopdracht toe: 'Heb elkaar lief, zoals Ik van jullie houd'. Dat woord 'liefde' en 'elkaar liefhebben' klinkt in dit korte stukje Evangelie tot vier maal toe. De liefde is het centrum van Jezus' leven, waar alles om draait. Hij spreekt hier zijn laatste wil uit, dat de leerlingen liefde zullen maken tot kernopdracht van hun leven. Nou wordt het woord 'liefde' in tal van betekenissen gebruikt. Wat bedoelt Jezus met dat woord?  De apostel Johannes schrijft zijn Evangelie in het Grieks. Voor het woord 'liefde' gebruikt hij niet het woord  'eros', waar ons woord 'erotiek' vandaan komt. Het gaat niet om verliefdheid, hartstocht, begeerte. Ook gebruikt hij niet het Griekse woord voor vriendschap. Johannes kiest voor de liefde die hij bedoelt het Griekse woord 'agapŤ'. Dat is de liefde die vooral gťťft en niet neemt! Het is bijv. de liefde van ouders voor hun kind op het moment dat het als een kwetsbare wezentje ter wereld komt. Het is de liefde waar geen tegenprestatie tegenover hoeft te staan. Het is de liefde waarmee grootouders de zorg voor kleinkinderen op zich nemen als dat nodig is. Het is de liefde van kinderen voor hun ouders op het moment dat zij oud en kwetsbaar worden. Het is de liefde waarmee partners voor elkaar blijven zorgen op het moment dat een van beiden hulpbehoevend wordt. Jezus spreekt dus in zijn laatste wilsbeschikking, zijn levenstestament over de opdracht elkaar lief te hebben. In tal van situaties kan dat een zware opgave zijn. Het kan een mens wel eens teveel worden. Het is echter frappant,  dat mensen ook in moeilijke situaties zeggen dat ze niets anders willen, dat ze blij zijn dat ze dat voor elkaar kunnen doen.  Ze beleven het als een opdracht. Ze beschouwen het als iets dat ze beloofd hebben, toen ze hun kind lieten dopen of hun partner trouwden voor goede en kwade dagen. Het is vaak ontroerend om te zien hoeveel liefde mensen voor elkaar kunnen opbrengen. We zien echter ook hoeveel het van een mens vergt, als er geen wederkerigheid is. Het is daarom goed ons te realiseren dat Jezus spreekt over het liefhebben van elkŠŠr. Want een zeker evenwicht is wenselijk om het vol te houden.
 
Wat vraagt elkaar liefhebben, als je worstelt met beperkingen, kwalen en afhankelijkheid? Men prijst vaak mensen die niet klagen maar dragen.  Je kunt je echter afvragen: welke boodschap geeft zo'n mens aan zijn omgeving? Misschien iets van: 'Kijk eens hoe flink ik ben! Ben ik geen voorbeeldige patiŽnt?' Mag je dan bij pijn en verdriet, bij angsten en zorgen niet je kwetsbaarheid laten zien? Op de vraag 'Hoe maakt u het?', zeggen mensen heel vaak: ' Och, ik mag niet klagen!'  Maar waarom zou je niet mogen klagen en delen wat je zwaar valt en wat je leven moeilijk maakt? Klagen is heel iets anders dan zeuren! Als je gaat kijken in de Bijbel, dan tref je daar heel wat klaagliederen aan, zowel bij de profeten als in het boek van de Psalmen. M.a.w. klagen mag. Verrassend is dat veel klaagliederen en zelfs vloekpsalmen uitlopen op een gebed waarin de auteur niet alleen zijn ellende, boosheid en teleurstelling uitspreekt of uitschreeuwt naar God, maar tevens blijk geeft van  vertrouwen op Hem die bij machte is ons te bevrijden van wat ons zwaar valt.
 
Als wij onze zorgen of pijn met een ander delen, dan verwachten wij van die ander als regel geen oplossing van onze kwalen en problemen, maar wel een luisterend oor en een meelevend hart. Het doet deugd, als die ander voor mij een klankbord wil zijn, iemand die niet ' van mij weg vlucht ' in het aandragen van allerlei goede raad, maar bij wie ik op verhaal kan komen; iemand die mij laat voelen: 'Je staat niet alleen met je kwalen of zorgen, je angst of pijn'.  Als in het Evangelie een zieke om hulp vraagt, treedt Jezus niet op als wonderdokter die alle aandacht op zichzelf vestigt, maar Hij vraagt aan de zieke: 'Wat kan Ik voor u doen?' Hij stelt een teken om te laten zien hoezeer God bekommerd is om mensen die lijden. Hij zegt telkens: 'Uw geloof, uw vertrouwen is uw redding'. Zijn aandacht en betrokkenheid werkt helend. Zijn  respect en gebed doen wonderen. Zijn meeleven en zorg voor wie kwetsbaar zijn is als een rode draad in de Evangelies. Nu wij zijn levenstestament opnieuw lezen, beseffen we dat de liefde waartoe Jezus oproept nooit vanzelfsprekend is. Ze vraagt onze dagelijkse inzet bij al ons doen en laten. Ze is niet enkel bedoeld voor mensen die ons dierbaar zijn en van ons houden, maar ook voor wie kwetsbaar zijn, voor wie lijden en hulp zoeken, een luisterend oor, een meelevend hart of een helpende hand. Laten wij daarom bidden om de leiding en kracht van de H. Geest bij al onze aarzelingen en onzekerheid. AMEN
 
Pastor A.G.M. Franssen
_________________________________________________________
 
Zaterdag 7 mei 2022 (Nijswiller) - 4de Zondag van Pasen.
Lezingen Handelingen 13, 14.43-52; Apocalyps 7, 9.14b-17; Johannes 10, 27-30
 
Sinds enkele jaren huist de wolf weer in ons land tot vreugde bij degenen, die houden van een uitgebreide dierenpopulatie in het vrije veld, tot verdriet van schapenhouders. Zij hebben extra uitgaven en moeten nu hoge geŽlektrificeerde hekken bouwen om hun kudden te beschermen; en nog lukt dat niet altijd, zoals dezer dagen nog in de krant stond.
Herders met hun kudden, een bekend beeld van een twee-eenheid. De schapen hebben de herders nodig die hen naar weiden brengen om er te grazen. De herders houden van hun dieren en zorgen ervoor. Ze weten zich nodig en hebben een zinvol bestaan. Ze leven zelf bovendien van de opbrengst die de dieren hen verschaffen.
 
Om aan te geven hoe God en mens onlosmakelijk bij elkaar horen, wordt in de H. Schrift het beeld van de herder en zijn schapen gebruikt. Natuurlijk heeft dat te maken met de manier van bestaan van vroeger. Veel volken waren nomaden die rondtrokken met hun kudden op zoek naar voedsel. Dat moest op een veilige manier gebeuren en daarom wakende herders in de nacht, zoals in de Kerstnacht als wij Jezus geboorte vieren. Maar ook waren er veilige omheiningen waarachter de dieren en hun herders konden verblijven beschermd tegen de wolf en andere wilde dieren. Nu de wolf  terug is, krijgt de veiligheid ook weer meer aandacht.        
 
Herders en hun kudden zijn, ook in onze moderne tijd,  nooit helemaal van het netvlies verdwenen. Tijdens vakanties in de bergen ben ik wel eens met een herder *) mee geweest, die zijn kudde enkele honderden meters hogerop bracht. Zijn schapen kenden inderdaad zijn stem, maar waren onrustig en knabbelden aan alles tot ze boven waren. Daar kwam de kudde tot rust, want er was voedsel, gras en bergkruid en water uit de bergbeek voorhanden. Daar kwam de herder tot rust, in de stilte van de natuur en het zachte ruisen van de bergbeek.
 
De herder en de kudde,  beeld van God en ons; beeld waarmee Jezus zichzelf en ons typeert als Hij aan wil geven hoe Hij zichzelf en ons ziet. Hij, aan wie de kudde door de Vader in de hemel is toevertrouwd. Hij  de herder die leven geeft aan ons. Hij die ervoor zorgt dat niemand van ons verloren gaat, omdat Hij dat niet kan maken vanwege zijn eenheid met God. Zonder dat uitdrukkelijk uit te spreken laat Jezus daarmee ook zien, dat Hij als herder ons, zijn mensen, nodig heeft. Herder ben je maar als je een kudde hebt.
 
Sint Alfonsus,  stichter van de Redemptoristen van Wittem, drukte ons op het hart ervoor de zorgen, dat de liefde van herder Jezus door ons zou worden beantwoord. We zouden ons erkentelijk tonen voor de gave van zijn leven aan het kruis en een gedrag vertonen van liefde voor God en medemens. Dat is niet zo eenvoudig nu he leven zoveel individualistischer geworden is met 'het IK' in het middelpunt van de belangstelling. Het woord 'kudde' suggereert echter samenhang; geen slaafse samenhang, maar bewuste samenhang van ons als intelligente wezens; verantwoordelijkheid voor elkaar waarmee wij onze vrijheid vullen. Door wat er momenteel gebeurt, niet ver hier vandaan, worden we ons er opnieuw van bewust hoever oorlog en geweld afstaan van het Bijbelse beeld van God als liefdevolle herder en wij als samenhangende kudde. Is de moderne mens niet te ver afgeraakt van de idee van God als herder. Zijn we nog op de goede weg naar grazige weiden? Vinden we nog rust voor onze ziel, als we geen God meer hebben die ons leidt. Als gelovigen weten we dat de Heer onze herder is, dat het ons aan niets ontbreekt, dat Hij ons op het juist spoor zet en naar grazige weiden leidt (psalm 23). Daarbij zullen altijd herderinnen en herders nodig zijn, die de opdracht van Jezus als de goede herder voortzetten en ons brengen naar een leven voorgoed. Laten we vandaag daarvoor bidden.         
 
Emeritus-pastoor A. Reijnen
 
*) afbeelding van herder Heini waarover sprake is in de derde alinea van deze overweging.
___________________________________________________
 
Zaterdag/zondag 7/8 mei 2022 - 4de Zondag van Pasen.
Lezingen uit Handelingen 13, 14 + 43-52 en Johannes 10, 27-30.
 
GOD ZIET ONS MET LIEFDE ZOALS EEN HERDER ZIJN SCHAPEN
 
Wat we hebben gehoord in de lezingen is heel herkenbaar. Enerzijds ontmoeten we mensen die zich gedreven voelen om het Goede Nieuws dat Jezus brengt verder te vertellen en door te geven. Ze kunnen er gewoon niet over zwijgen. Anderzijds komen we mensen tegen die zich door die Boodschap ernstig bedreigd voelen. Ze keren zich tegen de verkondigers en proberen hun opvattingen verdacht te maken. Ze verjagen hen zelfs uit hun gebied, zo vertelt de 1e lezing. Ze mobiliseren daarvoor mensen die macht hebben. Ze zijn nl. bang hun vertrouwde geloofsvisie te verliezen. Als ze zien dat die verkondigers met hun nieuwe boodschap succes hebben, worden ze ook nog vreselijk jaloers. Want ze zijn nl. heel bang hun macht te verliezen bij het gewone volk. Daarom sluiten ze zich af voor die nieuwe leer. 
 
De evangelist Johannes verhaalt dat Jezus zich ophoudt in de tempel in de zuilengang van Salomo. Hij is een doorn in het oog van de Joodse religieuze leiders. Daarom zetten ze Hem onder druk om eindelijk eens duidelijkheid te verschaffen over zijn identiteit.' Als U de Messias bent, zeg ons dat dan ronduit' Jezus reageert: 'Ik heb het jullie al vaker gezegd, maar jullie geloven Me niet! De tekens die Ik in jullie midden verricht komen niet uit mijn eigen koker, maar ze zijn het werk van de Vader. Ze maken duidelijk wie Ik ben, maar jullie vertrouwen Mij niet, omdat je niet tot mijn schapen behoort. Mijn schapen luisteren naar mijn stem en ze volgen Mij'.   Voordat we die Joodse leiders wegzetten als een stel verstokte ongelovigen, is het goed ons te realiseren wat hen overkomt. De Thora, de Joodse Wet staat voor hen als een huis. Iedere sabbat wordt er voorgelezen uit die Thora en de geschriften van de profeten. Nou komt daar een jonge man die niet eens theologie gestudeerd heeft, iemand zonder opleiding en zonder diploma's en Hij plaatst vraagtekens bij sommige voorschriften van de Wet die voor de Joodse overheden heilig zijn.  Hij verricht wel wondertekens, maar als je je daarbij beroept op God en de hemel dan roep je ook veel vragen op. Iemand die God zijn hemelse Vader noemt, zou dan een zoon van God zijn. Wat voor pretenties heeft die man, vragen ze zich af. Het overkomt ons misschien ook, dat iemand vraagtekens plaatst bij opvattingen waar wij heilig van overtuigd zijn. Iemand die schopt tegen onze 'heilige huisjes'.  Dat laat je niet zomaar gebeuren. Dan komen we in verzet, omdat er gezaagd wordt aan de poten van onze vermeende zekerheden. Dat maakt ons bang en onzeker. Het is niet vreemd, als we ons voor zo iemand afsluiten. De Evangelisten vertellen ons van Jezus' woorden en van de wondertekens die Hij heeft verricht. Ons angstvallig daarvoor afsluiten, brengt ons alleen verder van huis. Daarom spoort Jezus zijn leerlingen aan te luisteren naar zijn stem.
 
Ook Paulus en Barnabas roepen hun toehoorders op gehoor te geven te geven aan Jezus' Boodschap. Ons doof houden voor die Boodschap brengt ons niet verder. Jezus spreekt ons aan op allerlei manieren, ook via mensen die wij ontmoeten en dingen die wij meemaken. Als we willen leven in zijn Geest, dan vraagt dat dat we ons voortdurend openstellen en alert zijn. Hoe kunnen we met elkaar meeleven en elkaar steun bieden, als we geen idee hebben van wat onze naasten bezig houdt en nodig heeft? Al is angst en de neiging ons af te sluiten voor het nieuwe en onbekende heel menselijk, we weten ook dat angst een slechte raadgever is. Zelfs jalousie is ons niet vreemd als reactie op de geestelijke - en materiŽle rijkdom van anderen, maar waar brengt het ons? In sommige landen staat persvrijheid onder druk. Mensen die een ander geluid laten horen dan de machthebbers aangenaam is, worden het land uitgezet, gevangen genomen en monddood gemaakt, zoals bv. Navalny. Berichten in de media geven ons dan een vertekend beeld van de werkelijkheid.
 
Als Jezus zijn leerlingen uitnodigt om Hem ons vertrouwen te schenken en Hem te volgen , dan belooft Hij hen niet alleen naar grazige weiden te brengen, maar zelfs eeuwig leven te schenken. Dat leven waar Jezus op doelt is niet alleen de toekomst die ons wacht, maar ook ons leven hier en nu:  nl. het vertrouwen dat God ons nabij blijft en met ons meegaat op onze wegen, zoals Jezus dat zijn naasten heeft laten ervaren. Eeuwig leven is leven in het besef dat de Geest van God liefde is en dat het ook ons gegeven wordt die liefde door te geven aan anderen, als wij erom vragen. Als wij ons afvragen aan wie wij in ons dagelijks leven ons volle vertrouwen geven, dan beperkt zich dat meestal tot de kleine kring van mensen die ons het meest na staan, zoals een partner, bepaalde familieleden en echte vrienden. Die vertrouwensband is er niet vanzelf gekomen, die is langzaam opgebouwd en gegroeid in de loop der jaren, door regelmatig contact met elkaar en ontmoetingen waarin we ons lief en leed met elkaar hebben kunnen delen. Is dat ook niet een voorwaarde voor een vertrouwensband met Jezus en met God die Hij zijn hemelse Vader noemt?  AMEN.
 
Pastor A.G.M. Franssen
     
Klik hier voor de digitale Willibrordbijbel.
Desgewenst kunt u daarna klikken
op "Willibrordvertaling".
 
    
 
Het boekje " Bidden thuis ".
     Klik op de link en neem er de tijd voor.
     Laat andere dingen voor wat ze zijn,
     laat het stil worden.
     Dit boekje bevat een aantal gebeden
     die men bij gelegenheid kan bidden.
     Het boekje is nog verkrijgbaar via
     het parochiesecretariaat in Eys.
 
DE NIEUWE VERSIE VAN HET
"ONZE VADER":
(schuin en vet gedrukt zijn de veranderingen)
 
Onze Vader die in de hemel zijt;
uw naam worde geheiligd;
uw rijk kome;
uw wil geschiede op aarde zoals in de hemel.
Geef ons heden ons dagelijks brood;
en vergeef ons onze schulden,
zoals ook wij vergeven aan onze schuldenaren;
en breng ons niet in beproeving;
maar verlos ons van het kwade
 
klik hier voor de terugblik op
de overwegingen van
2015 t/m 2021.
 
klik hier voor de overwegingen in 2022